|
|
Kick van der Pol (1949) startte zijn loopbaan als wetenschappelijk medewerker aan de Vrije Universiteit. Daarna was hij enige jaren secretaris sociale zaken bij het Landbouwschap. In die functie was hij betrokken bij de oprichting van de arbodienst Stigas.
In 1988 stapte hij over naar de uitvoering van de sociale zekerheid en pensioenen. Hij werd achtereenvolgens directievoorzitter van de uitvoeringsorganisaties ASF, GUO, SGG en Relan.
In 2001 trad hij toe tot de hoofddirectie van Interpolis waarvan hij een jaar later directievoorzitter werd. Na de fusie met Achmea was hij nog een jaar vicevoorzitter van de Raad van Bestuur van Eureko.
Sinds 2006 vervult Kick van der Pol verschillende bestuurlijke functies waaronder voorzitter van Boaborea, voorzitter van de Raad van Commissarissen van Ortec Finance en van ASR (het voormalige Fortis Verzekeringen). Als voorzitter van de Baliegroep Sociale Zekerheid is hij nauw betrokken bij de discussie over nieuwe arbeidsverhoudingen.
|
|
|
|
 |
|
Ab Klink is sinds 22 februari 2007 minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in het vierde kabinet-Balkenende.
Abraham (Ab) Klink werd op 2 november 1958 geboren in Stellendam. Na het behalen van de diploma's MAVO, HAVO en VWO studeerde hij sociologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij behaalde zijn doctoraal examen in 1985. In 1991 promoveerde hij aan de Rijksuniversiteit Leiden tot doctor in de rechtsgeleerdheid op het proefschrift ‘Christen-democratie en overheid: de christen-democratische politieke filosofie en enige staats- en bestuursrechtelijke implicaties’.
Dr. Klink was van 1985 tot 1992 als wetenschappelijk medewerker verbonden aan het Wetenschappelijk Instituut voor het CDA. Aansluitend was hij tot 1999 werkzaam bij het ministerie van Justitie, als beleidsmedewerker bureau Secretaris-Generaal, als raadadviseur bij de Stafdeling Algemene Wetgevingsbeleid, als beleidscoördinator van de Directie Ontwikkeling Rechtspleging en als plaatsvervangend directeur Rechtspleging. In 1999 keerde hij terug naar het Wetenschappelijk Instituut van het CDA als directeur. Van 2003 tot 2007 was hij lid van de Eerste Kamer.
Verder was Klink onder meer bestuurslid van de Vereniging voor Christelijk Voortgezet Onderwijs Rotterdam.
|
|
|
|
 |
|
Bernard Wientjes (19 mei 1943 Amsterdam) is sinds 30 mei 2005 voorzitter van de ondernemingsorganisatie VNO-NCW. Voordat Bernard Wientjes voorzitter werd bij VNO-NCW maakte hij deel uit van het Dagelijks Bestuur van VNO-NCW als voorzitter van de Werkgeversorganisatie AWVN. Hij nam vanuit deze positie namens VNO-NCW zitting in de Sociaal Economische Raad. Als voorzitter van VNO-NCW is hij vice-voorzitter van de SER.
Van 1967 tot 1999 was hij directeur-eigenaar van Wientjes Beheer bv in Roden, een bedrijf dat hij zelf opbouwde. Inmiddels heeft hij alle onderdelen van zijn onderneming verkocht. Eén daarvan, de door Bernard Wientjes opgerichte en ontwikkelde werkmaatschappij, Ucosan, werd in 1999 overgenomen door Villeroy & Boch AG. Ucosan ontwikkelde zich tot één van de grootste producenten in Europa voor kunststof badkuipen, douchebakken en Whirlpools en onderscheidde zich door innovatie. Bernard Wientjes werd na de overname lid van de Raad van Bestuur van Villeroy & Boch AG (tot 2005). Binnen de raad van bestuur was hij verantwoordelijk voor de divisie Wellness.
Bernard Wientjes voltooide het Gymnasium B en studeerde vervolgens Nederlands Privaatrecht in Amsterdam.
|
|
|
|
 |
|
Agnes Jongerius (1960) studeerde sociaal-economische geschiedenis op de Rijksuniversiteit in Utrecht.
In 1988 behaalde zij cum laude haar doctoraal examen. In 1987 begon zij als vakbondsbestuurder bij de Vervoersbond FNV.
De eerste drie jaar werkte zij als regiobestuurder, vervolgens werd zij in 1990 gekozen in het bondsbestuur van deze bond. In het bondsbestuur was zij verantwoordelijk voor onder andere het beleid op de terreinen arbeidsmarkt, scholing en arbeidsomstandigheden.
Sinds 1 juni 1997 maakt zij deel uit van het Federatiebestuur van de Federatie Nederlandse Vakbeweging, waarin zij sinds mei 2005 tot voorzitter is benoemd. Tot haar portefeuille behoren onder andere algemene coördinatie, internationale zaken, voorlichting, maatschappij- en levensbeschouwing, vrouwen, jongeren en etnische minderheden.
Verder is zij onder meer vice-voorzitter van de Sociaal Economische Raad, werknemersvoorzitter van de Stichting van de Arbeid en vice-voorzitter van de International Trade Union Confederation.
|
|
|
|
 |
|
Roland Blonk (1958) studeerde Klinische Psychologie en Onderzoeksmethoden aan de UvA van 1984-1990. Zijn studie vervolgde hij met een promotieonderzoek naar de effectiviteit van interventies bij sociaal incompetente kinderen.
In 1996 veranderde zijn focus naar (Klinische) Arbeidspsychologie. Hij was gedurende drie jaar coördinerend onderzoeker in het grootschalige NWO prioriteit programma Psychische Vermoeidheid in de Arbeidssituatie op het deelgebied van diagnostiek en behandeling van langdurige psychische vermoeidheid.
Sinds 1999 is hij in dienst bij TNO. Na vijf jaar als teamleider te hebben gefunctioneerd is hij sinds kort schrijver en programmaleider van één van de drie grote onderzoeksprogramma’s bij TNO Arbeid Inzetbaarheid en Sociale Cohesie. Hierin zijn twee onderzoeksthema’s prominent Psychische klachten en Werk en Sociale Samenhang en Inzetbaarheid. Het eerste thema richt zich in belangrijke mate op reïntegratie van werknemers die verzuimen vanwege psychische klachten. De tweede thema richt zich op onderkant arbeidsmarkt problematiek en op de duurzame inzetbaarheid van lageropgeleide werknemers.
Sinds 2005 is hij vanwege TNO benoemd tot bijzonder hoogleraar Arbeidsparticipatie en Psychische klachten aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de Universiteit Utrecht. Hij begeleidt verschillende promovendi en publiceert regelmatig in internationale wetenschappelijke tijdschriften. Hij is lid of is lid geweest van verschillende wetenschappelijke adviesraden o.a. van onderzoeksprogramma’s en voor de Gezondheidsraad.
|
|
|
|
 |
|
Klasien Horstman studeerde wijsgerige en historische sociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Na een korte periode te hebben gewerkt als docent economie en maatschappijleraar op een MEAO, is zij aan de Universiteit Maastricht filosofisch empirisch onderzoek gaan naar de ‘risicosamenleving’ en met name sociale, politieke, morele en wetenschapspolitieke vraagstukken rond de ontwikkeling van nieuwe preventieve technieken en de constructie van risico’s.
Van 2001 tot 2009 was zij Socrates Hoogleraar Filosofie en Ethiek van Bioengineering aan de Technische Universiteit Eindhoven en sinds 2009 Hoogleraar Filosofie van Public Health aan de Universiteit Maastricht. Zij werkte mee aan rapporten over re-integratie voor het LISV en het CTSV en publiceert in tijdschriften zoals Social Science and Medicine, Bioscience en JAMA.
Ze publiceerde boeken zoals Verzekerd Leven. Artsen en levensverzekeringsmaatschappijen 1880-1920 (Babylon de Geus 1996), Gezondheidspolitiek in een risicocultuur. Burgerschap in het tijdperk van voorspellende geneeskunde (Rathenau Instituut 1999, met G. de Vries en O.Haveman), Public bodies, private lives. The historical construction of health risks, life insurance and citizenship in the Netherlands (Erasmus Publishing 2001), Factor XX. Vrouwen, eicellen en genen (Boom 2004, met M.Huijer), Worstelen met gezond leven. Ethiek van preventie van hart- en vaatziekten (Het Spinhuis 2005, met R.Houtepen) en Genetics form laboratory to society. Societal learning as an alternative to regulation (Palgrave MacMillan 2008, met G. de Vries).
|
|
|
|
 |
|
Adriaan Heuzinkveld (1956) is na de studie personeelsmanagement zijn loopbaan als Personeelsfunctionaris begonnen bij Van Berkel’s Patent, hij werkt momenteel bij Koninklijke Gazelle N.V. Naast zijn functie als Human Resources Manager heeft hij bij Gazelle diverse andere afdelingen geleid, waaronder Kwaliteitsborging en Klantenservice.
Hij is voorzitter van de Stichting Pensioenfonds Gazelle.
Sinds 2007 is hij uit hoofde van zijn functie Projectleider van Gazelle Vitaal.
|
|
|
|
 |
|
Erik de Gilde (29 juni 1960), werkt sinds 1987 bij Scania in Zwolle. Binnen Scania is hij gedurende deze 22 jaar in 10 verschillende functies verantwoordelijk geweest voor engineering, ICT, logistiek, productie, klantaanpassing, distibutie, kwaliteit, en HR. Sinds 1995 maakt hij deel uit van het Management Team van Scania in Zwolle (grootste assemblage plant van Scania).
Hij is in 1982 afgestudeerd aan de HTS-Utrecht (WTB-Constructietechniek en in 1988 aan de TU-Delft (WTB-Industriële Organisatie).
Sinds 1998 heeft hij zich binnen Scania kunnen bekwamen in de toepassing van het Scania Productie Systeem. Dit Scania Productie Systeem is afgeleid van het succesvolle Toyota Productie Systeem.
Naast zijn werk bij Scania is hij vice-voorzitter van de verladersorganisatie EVO en als regio-voorzitter voor EVO actief binnen de provincie Overijssel.
|
|
|
|
|